Wat wij “ik” noemen

Is het meest onpersoonlijke dat wij bezitten

Stemmen van leraren

De kleuterjuf met haar liniaal

Het fluitje in het al te luid weerkaatsend gymnastieklokaal

Wat wij “dat” noemen

het orgasme. De plotselinge inval

De woedeaanval die even bliksemsnel opdoemt

Als de ingeving 

Dat alles is het meest persoonlijke dat wij bezitten

                                                                                 Lars Gustafsson

De zomer is voorbij en wellicht heb je meer de tijd en vaker de behoefte gehad om naar jezelf te kijken in de spiegel. Ik in ieder geval wel. 

Normaal gesproken kijk je ook elke ochtend in de spiegel. Dan zie je jezelf, je net half wakkere gezicht die je afspoelt met water. Soms doe je alsof je aan het kijken bent en als je echt kijkt wie is de kijker dan?

Het antwoord -ik toch? Vergeet dat je blik op jezelf bijna altijd evaluerend, controlerend en corrigerend is volgens de andermans criteria. We zien onszelf vaak door de ogen van de ander en met de ander bedoel ik je ouders, je eigen systeem, je omgeving, de maatschappij, cultuur en religie.We schrijven ons lichaam een oordeel toe, waarna we een poging doen om dat oordeel gunstiger te laten uitvallen.

Dus als je het over jouw lichaam hebt, dan is de kans groot dat je het over de buitenkant hebt.

En als je ouder wordt verschuift je aandacht vanzelf ook naar de binnenkant van je lijf, dat zich laat voelen op manieren en plaatsen die je voorheen niet eens kende vanwege ouderdom ongemakken. 

In mijn coach praktijk merk ik dat veel mensen een scheve tot bijna geen verbinding met hun lichaam hebben. Ze bewonen werkelijk hun lichaam niet.

Al opgroeiend leren we ons lichaam kennen, we gaan ervan uit dat alle volwassenen universele kennis en beleving delen.

Je eerste ervaringen en verhoudingen met je lichaam ontstaan in je kinderjaren. Wat je in je

lichaam ervoer (binnen) werd door je verzorger of een ander significante volwassene benoemd(buiten) en op die manier aan je terug gegeven en door jou opgenomen(binnen).

Daardoor kreeg je ervaring een betekenis die voor heen niet was.En gedurende de daaropvolgende jaren slaat je lichaam bewust en onbewust allerlei herinneringen en emoties op.

Je lichaam krijgt zijn eigen wijsheid opgebouwd die je wellicht vanuit je eigen ratio niet kunt snappen.

De vraag is: kijk je alleen naar jezelf of bewoon je je lichaam? En als je alleen kijkt wie is dan de kijker?

Als je alleen kijkt, blijf je in je hoofd zitten.Er is dan weinig interactie mogelijk tussen je lichaam en je hoofd. Dat is zonde. Je lichaam is een bron van kracht. Je hoofd en je lichaam hebben elkaar nodig. En als je ze met elkaar verbindt, heb je meer potentieel. Je staat steviger in het hier en nu en je zult meer impact hebben.

Bewoon je lichaam 

Kom in verbinding met je lichaam. De kunst is om de signalen bewust op te merken. De signalen van je lichaam hoe ongemakkelijk ook hebben een positieve intentie, die willen jou iets vertellen en als je de signalen onvoldoende erkent, gaat je lijf steeds sterkere signalen afgeven om duidelijk te maken dat je iets te doen hebt. Je kan bijvoorbeeld overvallen worden door hartkloppingen, hoofdpijn of een burn out.

Leer omgekeerd ook de kenmerken en signalen van ontspanning bij jezelf herkennen, zoals je diepere ademhaling en ruimte in je buik, je kaken die ontspannen, etc..

Hier paar tips

– Zet je interne dialoog op een laag pitje,

-Leer te vertragen.

– Vind een structureel vorm van sporten en ontspanning.

-Blijf in je communicatie met de ander goed in contact met je lichaam en de signalen die hij afgeeft. Langzamerhand leer je je lichaam kennen en bewonen, je herkent welke reactie relevant is met wat er in hier en nu gebeurt en welke reactie wellicht een andere oorsprong heeft. In ieder geval heb je de keuze om iets mee te doen.

Kijk niet alleen, ervaar ! Je lichaam is je gids.